



Recept uit het boek 'Potdeurmekare'.
U hebt nodig
500 gram grote rozijnen | 1 liter brandewijn | 250 gram suiker | water | 1 stukje pijpkaneel (ca. 10 cm) | naar keuze: 100 gram amandelen
De rozijnen enkele keren wassen en laten weken in lauw water. Laat ze uitlekken en doe ze in een glazen stopfles met de kaneel. Kook dan de suiker in een pannetje met zoveel water dat de suiker net onder staat, tot een stroopje. Laat het afkoelen en roer het door de brandewijn. Giet dit mengsel over de rozijnen. Desgewenst kunnen er ook amandelen door. Pel ze zonodig eerst, ontdoe ze van de bruine vliesjes (dit gaat gemakkelijk als u er kokend water over giet) en meng de amandelen door de rozijnen. Laat de boerenjongens tenminste 2 maanden staan.
Recept uit het boek 'Potdeurmekare'.
U hebt nodig
500 gram grote rozijnen | 1 liter water | 150 gram amandelen | 20 gram citroenzuur | 300 gram suiker | 25 gram kruidnagelen | 1 stukje pijpkaneel
De goed gewassen rozijnen zachtjes koken in een pan met het water, de kruidnagelen en de pijpkaneel. De laatste 5 minuten de suiker erdoor roeren en mee laten koken. Voeg, als de pan van het vuur is, de gepelde amandelen en het citroenzuur toe en laat dit zo tenminste 1 week in een glazen stopfles staan.